Arjen Venema Strootman Landschapsarchitecten.301Fdfaf

Terugblik: Lancering Handreiking Groenblauwe Dooradering 2.0

Hoe brengen we groenblauwe dooradering van ambitie naar uitvoering?

Op 5 februari 2026 kwamen in het Akoesticum in Ede ruim honderd vertegenwoordigers van overheden, landschapsorganisaties, agrarische collectieven, waterschappen en het bedrijfsleven bijeen voor de lancering van de Handreiking Groenblauwe Dooradering 2.0. De vernieuwde handreiking werd in december gepubliceerd en biedt concrete handvatten om te werken aan 10% groenblauwe dooradering in het landelijk gebied.

Tijdens deze middag stond niet alleen de inhoud van de handreiking centraal, maar vooral de vraag hoe deze in de praktijk kan worden toegepast. Van beleidscontext en ontwerpprincipes tot praktijkervaringen en financiering: de bijeenkomst bood verdieping én perspectief op uitvoering.


Groenblauwe dooradering in context
De urgentie: van 2–3% naar 10%
Onder leiding van dagvoorzitter Ronald Hiel (Stichting Deltaplan Biodiversiteitsherstel) werd stilgestaan bij de urgentie van de opgave. Steeds meer partijen onderschrijven de ambitie om 10% groenblauwe dooradering in het landelijk gebied te realiseren, terwijl het huidige aandeel blijft steken rond de 2 à 3%. Tegelijkertijd klonk er optimisme: de beweging is op gang en steeds meer partijen voelen de noodzaak om een bijdrage te leveren.


Groenblauwe dooradering als verbindend instrument
Corine de Zeeuw (Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening) en Margot Huurdeman (Ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur) plaatsten de handreiking in een bredere maatschappelijke context. De handreiking is voortgekomen uit het programma Mooi Nederland, waarin landschapskwaliteit een centrale rol speelt binnen grote ruimtelijke opgaven zoals klimaatadaptatie, waterbeheer en natuurherstel.

Groenblauwe dooradering werd neergezet als verbindend instrument: een manier om integraal te werken aan water, klimaat, natuur en biodiversiteit. Zoals Margot Huurdeman aangaf “Het is geen oplegger van hoe het moet, maar een hulpmiddel om het gesprek te voeren over wat kan.”


Van ideaalbeeld naar handelingsperspectief
Een klassiek beeld van het landschap
Arjen Venema (Strootman Landschapsarchitecten) nam de zaal mee in de inhoud en totstandkoming van de Handreiking Groenblauwe Dooradering 2.0. Hij schetste het klassieke beeld van groenblauwe dooradering aan de hand van beelden uit de tijd van Jac P. Thijse: knotwilgen langs sloten, houtwallen en weidevogels in een kleinschalig landschap.

Dat beeld leeft nog steeds sterk, maar staat vaak ver af van de huidige praktijk. Juist om die kloof te overbruggen is deze vernieuwde handreiking ontwikkeld.


Gebouwd op praktijk en bestaande kennis
De handreiking is de laatste in een reeks van tien handreikingen binnen Mooi Nederland en bouwt voort op bestaande kennis en ervaring. In plaats van het wiel opnieuw uit te vinden, is de handreiking gevoed door praktijkbezoeken, workshops, klankbordgroepen, een consultatiebijeenkomst en de community of practice van het Aanvalsplan Landschap. Het resultaat is een praktisch en rijk document met zeventien uitgewerkte landschapstypen, concrete praktijkvoorbeelden en een bouwstenencatalogus. Daarnaast bevat de handreiking een stappenplan en vijf randvoorwaarden die richting geven aan initiatiefnemers:

  • Welke bestaande kennis en initiatieven zijn er in het gebied?
  • Wat is het grotere verhaal, het doel, ook op de langere termijn?
  • Wie is er nodig om het plan te laten slagen?
  • Op welke en wiens grond moet het plan worden gerealiseerd?
  • Wat is de financiële drager, ook op de langere termijn?

Een belangrijk uitgangspunt is dat de handreiking niet oplegt, maar ondersteunt. Ieder gebied is anders, met andere betrokken partijen, doelen en beoogde ecosysteemdiensten.

Leren van de praktijk

Na de inhoudelijke verdieping stond de praktijk centraal. Hoe werkt groenblauwe dooradering in uitvoering? Verschillende ervaringen passeerden de revue.

Hans Veurink en Ivo Verbeek (BoerenNatuur Veluwe en Utrecht Oost) benadrukten het belang van dóen. Eerdere initiatieven strandden volgens hen te vaak in plannen maken, zonder dat er daadwerkelijk iets in de grond kwam. Door agrariërs actief te benaderen en concreet te informeren over subsidiemogelijkheden, ontstonden waardevolle gesprekken over wat passend en haalbaar is. In de provincie Utrecht is inmiddels een Platform Groenblauwe Dooradering ingericht waarin provincie, gemeenten en agrarische collectieven samenwerken. Zoals Hans het omschreef: De rolverdeling is helder: collectieven leggen landschapselementen aan op landbouwgrond, gemeenten op openbare en particuliere gronden. Dat schept duidelijke kaders en verantwoordelijkheden.”

Download hier de presentatie van Hans Veurink en Ivo Verbeek

Meer weten over deze dag

Naast de presentatie vanuit BoerenNatuur waren er ook presentaties vanuit de andere provincies. Een uitgebreide terugblik vind je op de site van Samen voor meer biodiversiteit.